Nieuwjaarsontmoeting

Op woensdag 3 januari 2018 vond de nieuwjaarsontmoeting van de gemeente Giessenlanden plaats in Arkel. De sportzaal van de Lingehof was getransformeerd naar een gezellige evenementlocatie. Diverse partijen presenteerden zich aan de ongeveer 150 bezoekers. Dit jaar was gekozen voor een nieuwjaarstoespraak in de vorm van een duopresentatie. Burgemeester Ten Kate en ‘verteller’ Joost-Jan Kool wisselden elkaar een aantal keer af tijdens de toespraak. De toespraak zoomde in op wat we van onze geschiedenis kunnen leren: durf keuzes te maken voor de toekomst. Joost-Jan kroop daarbij steeds in de huid van een ander personage. Hij sprak het publiek toe als Jan van Arkel, locatie Betondak en als een vader uit de jaren tachtig. Diverse beelden uit vervlogen tijden illustreerden de woorden van de sprekers.

Enkele foto's van deze avond vindt u onderaan deze pagina (link).

Nieuwjaarstoespraak 3 januari 2018


Jan van Arkel: Boeren, burgers en buitenlui,

Wees welkom op deze nieuwjaarsontmoeting van de gemeente Giessenlanden in het jaar 2018. Gun mij het genoegen mij zelven aan u voor te stellen: mijn naam is Jan van Arkel.

Ik begrijp dat in uw tijd horigen mee mochten beslissen over de naam van uw nieuwe bezit? Wij pakten dat een stuk efficiënter aan. Ons land heette gewoon: Het land van Arkel. Jullie maken zaken erg ingewikkeld. Neem nou zo'n fusie, hoeveel ganzenveren hebben jullie daar inmiddels al aan besteed? Wij voerden een oorlogje, trouwden een beetje handig of rammelden opzichtig met onze indrukwekkende buidel. Vooral dat laatste zal de Giessenlanders onder u aanspreken. Maar goed, zo vergrootten wij ons rijk. Ik heb gehoord dat dat tegenwoordig grenzeloos samenwerken heet.

Ik zal mijzelf iets beter duiden. Mijn naam is Jan de derde. Twee Jannen zijn mij voorgegaan. Die eerste Jan, mijn opa, was een straf heerschap. Zijn roem verspreidde zich via vele monden. Opa had een kasteeltje, hier op Arkel, de Linge meanderde door zijn achtertuin.

Een prachtige verhaal dat wij elkander op lange, donkere winteravonden vertelden, is het verhaal over mijn grootvaders reis vanuit het koninkrijk Frankrijk naar deze plek. Na een lange zware tocht belandt hij met zijn familie en gevolg op het riviertje de Alm. Het schemert al. Waar moeten ze heen om hun erfgoed te bereiken? Net op het moment dat wanhoop zich meester dreigt te maken van mijn opa is daar een prachtige witte zwaan. Het dier strijkt vlak voor de boot op het water neder. Het zwemt weg, keert weder, zwemt weg, wenkt met de sierlijke kop alsof het wil zeggen: kom, volg mij.

De zwaan leidt opa naar zijn erfgoed.

Nuchtere tongen beweren dat de werkelijkheid veel minder de verbeelding tart dan deze prachtige geschiedenis! Maar kijkt u eens naar de ambtsketen van uw burgemeester? Dat kan toch geen toeval zijn? 


Burgemeester Ten Kate: Deze ambtsketen is de keten van de voormalige gemeente Arkel. Bij de fusie is deze omgevormd tot die van de gemeente Giessenlanden en voorzien van een nieuwe penning. Hier heb ik de penning van de gemeente Arkel met het wapen van Arkel, daarin is die zwaan uit het verleden verwerkt. De zwaan die de weg wees. Een symbool dat duidelijk maakt dat er altijd weer nieuwe wegen zijn.

Dames en heren. We staan aan het begin van een historisch jaar, want dit jaar is het laatste jaar van onze gemeente Giessenlanden. Op zich ook weer niet heel bijzonder, want om ons heen zien we meerdere gemeenten dezelfde beweging maken. Niettemin gaat het wel om de afsluiting van een tijdperk.

Wij mensen zijn geneigd tijd te zien als een lineair principe. Een rechte lijn die uit verleden, heden en toekomst bestaat. Daarmee krijgt de tijd iets statisch. In perioden waarin grote veranderingen op stapel staan, zijn we soms geneigd de hakken in de tijd te plaatsen. Een nostalgische lofzang op de overzichtelijkheid van het bestaan.

Weet u nog dat we maar twee televisiezenders konden ontvangen? Weet u nog? Toen het gemeentehuis nog in Noordeloos, Arkel of Giessenburg stond? Mooie herinneringen die samensmelten tot een geromantiseerd beeld van een tijd die achter ons ligt.Een beeld dat dan meteen ook de norm vormt waaraan de toekomst moet voldoen. Maar dat kan er ook toe leiden dat we bedreigingen in plaats van kansen zien. De geschiedenis leert ons dat er tal van momenten zijn geweest waaruit later bleek dat juist pósitief vooruitdenken de juiste houding was.

Jan van Arkel was iemand die bedreigingen wist om te zetten in kansen. Toen de polder, van wat nu de Alblasserwaard-Vijfheerenlanden is steeds verder inklonk, werd het steeds moeilijker om het overtollige water kwijt te raken.

Bovendien liep het water vanuit Gelderland de polder binnen. Hij sloeg samen met zijn collega’s van Ter Leede, Hagestein, Everdingen en Vianen de handen ineen en richtte in het jaar 1284 een heemraadschap op. Een van de eerste daden was het aanleggen van de Diefdijk en later werd de hele polder bedijkt. Als dat geen grenzeloos samenwerken is!

Van Jan van Arkel is het een grote sprong naar het jaar 1900. In die tijd waren alle dorpen in onze gemeente nog steeds grotendeels agrarisch van karakter. Boeren die hun melk verwerkten tot kaas en boter en die naar de markt brachten.

Toch kreeg ook deze ogenschijnlijk overzichtelijke wereld met veranderingen te maken. De concurrentie nam toe, de boerenbedrijven werden groter en het werd steeds lastiger om alle melk zelf te verwerken.
Daarom sloeg een aantal boeren de handen ineen en richtten hier in Arkel, maar ook in dorpen in de omgeving, een coöperatieve zuivelfabriek op. Een mooi voorbeeld van hoe samenwerken loont. Maar ook hoe een beroepsgroep met de tijd mee gaat: door vooruit te blijven kijken en zich aan te passen.

In diezelfde periode begon De Vries Robbé in Gorinchem en kort daarna op Schoonzigt met een fabriek in dakbedekking: Betondak.


Betondak: Graag voer ik het woord namens het bedrijf waar ik jarenlang mijn boterham heb verdiend. Bijna mocht ik de status van eeuweling bereiken. Een lange geschiedenis waarin ik zowel ondergronds als bovengronds mijn betonnen stempel op Nederland heb gedrukt. Want daarover wil ik niet bescheiden zijn.

Denk aan de heipalen die onze deltawerken dragen. Denk aan een groot deel van het riool in ons land. Denk aan de slagader voor de drinkwatervoorziening van de Randstad. Denk aan alles wat van beton te vormen valt: Rioolbuizen, tegels en banden, blokvloeren, plaatvoeren, keerwanden, kolken en putten, betonnen huizen, viaduct liggers enzovoort.

Wij schrijven het jaar 1916. Het jaar waarin ik in Arkel in het bos van Schoonzigt het levenslicht aanschouw. Mijn naam luidde in die tijd: Naamloze Vennootschap Maatschappij tot vervaardiging van beton en andere dakbedekking.

Roepnaam: Betondak.

Geestelijk vader: de heer Willem de Vries Robbé.

In de vele jaren die volgden waren mijn groei en krimp verbonden met de nukken van de tijd. Ik kraakte in de moeilijke jaren ’30. In de oorlogsjaren die daarop volgden stagneerde mijn groei. Ik richtte mij trots op in de jaren van de wederopbouw. Hoop kreeg vorm in een mengsel van water, cement en granulaat.

Mijn groei zette door tot in de jaren ’70. Daarna kwam het verval. Midden in de storm van een wereldwijde kredietcrisis boog ik in 2011 als Betonson het hoofd. Wat rest is de herinnering. Een terrein vol oude loodsen, het dunne glas gebroken, rioolbuizen langzaam overwoekert worden door het groen, misschien wel ontspruitend uit de slapende wortels van de bomen uit het bos van Schoonzigt. Daar waar het lang geleden allemaal begon.


Burgemeester Ten Kate: Dankzij de ondernemersgeest van De Vries Robbé veranderde Arkel van een boerendorp in een echt arbeidersdorp. Het aantal arbeidskrachten dat nodig was groeide en groeide en de gemeente speelde daarop in door een flink aantal woningen te bouwen. Dat wat we nu de ‘oudbouw’ noemen werd in de naoorlogse jaren uit de grond gestampt om al die werknemers te kunnen huisvesten.

Betekende de sluiting van Betondak in 2011 dat men bijna honderd jaar eerder een foute keuze heeft gemaakt door te starten met de productie van beton?

Welnee. Dat is nu eenmaal van gang van de economie. Dingen komen en gaan. Onze voorouders hebben kansen benut op het moment dat die er waren, hebben de vooruitgang gezien en toegepast. Het heeft deze regio decennia lang werkgelegenheid en welvaart gebracht. En daar plukken we nu nog steeds de vruchten van. En dat terrein: daar gaan we nu wat moois van maken.

Zoals u al merkt zijn we voor het schrijven van de nieuwjaarstoespraak in de geschiedenis gedoken. Er zijn zoveel bijzondere verhalen dat ik ze onmogelijk allemaal kan noemen, maar er is nog één gebeurtenis die ik u niet wil onthouden.

In november 1981 besloot de gemeenteraad van Arkel met zes tegen vier stemmen tot het voeren van het predikaat ‘kernwapenvrije gemeente’, als protest tegen de voorgenomen plaatsing van kernwapens.

De voorstanders wilden een signaal afgeven, de tegenstanders vonden het geen taak van de gemeente. Het toont hoe een klein dorp in de Alblasserwaard zich in de jaren ’80 verbonden voelde met de wereld. Eigenzinnig in bepaalde opzichten. Een dorp dat net als Jan van Arkel vijfhonderd jaar daarvoor zijn idealen nastreefde.


Vader uit de jaren tachtig: Ach ja, die jongens van mij; ze zijn er zo druk mee.

Vandaag zijn ze naar Den Haag gegaan, om te protesteren. Je kunt je afvragen of we ze zo hebben opgevoed.

Houden jullie het een beetje netjes? Vroeg ik voordat ze op de bus stapten. Een bus, ja, een hele bus. Half Arkel trekt naar Den Haag. Volgens mij gaan er zelfs heren van het college mee. Mijn oudste zei: Netjes? Raketjes, die zijn pas niet netjes! De tweede zingt heel vaak: carrière maken, voordat de BOM valt. En dan zeg ik: er is helemaal niets mis met een beetje carrière maken. Kijk maar naar je vader. En daarbij, jongens, vergeet nooit: alles heeft een prijs, ook de vrede. Laat het maar aan de heren in Den Haag over welke prijs zij daarvoor willen betalen. Daar zien ze het totale plaatje. Dat is niet aan ons.

Pas geleden hesen ze de vredesvlag voor het gemeentehuis. De dominee, Waterval, was er ook bij. Vond ik toch wel mooi. Volgens Burgemeester de Bruijn was dit nodig. Genoeg is genoeg. Reeds nu zijn er al zoveel kruisraketten om de totale mensheid 10 maal te vernietigen. Dat zei hij.

Blijft toch een bijzonder iets, dat Arkel. Een kernwapenvrije gemeente. Het college stuurde een telegram naar Den Haag. Alsof ze zich daar ook maar iets aantrekken van zo’n dorp. Daar hadden we het over aan tafel. ’s Middags was Arkel op de Radio, in het programma Echo. Later die dag bleek dat meerdere gemeenten ons voorbeeld hadden gevolgd.

Zei ik nou ons?


Burgemeester Ten Kate: Gelukkig liep het met de kernwapenwedloop beter af dan met Jan van Arkel. Al ging dat zeker niet over rozen. Er werden miljoenen handtekeningen aangebonden, het kabinet besloot toch tot plaatsing van kruisraketten, maar door de perestrojka van Gorbatsjov trad ontspanning op. De koude oorlog kwam ten einde en de muur viel.

Wat kunnen we nu leren van Jan van Arkel, Betondak en de kernwapenactivist? In de eerste plaats dat idealen van alle tijden zijn. Mensen willen iets bereiken in het leven: of het nou invloed, werk, welvaart of een kernwapenvrije wereld is. Mensen blijven zoeken naar manier om die idealen te bereiken. Sommigen kiezen voor de weg van de macht, anderen kiezen voor de weg van samenwerking en het zoeken van bondgenoten. De geschiedenis van Jan van Arkel leert ons welke weg op de lange duur het meest effectief is. En dat is ook de les van de kernwapenwedloop: die kwam pas ten einde toen Reagan en Gorbatsjov elkaar vonden.

Een andere notitie die ik opmaak uit de geschiedenis van onze regio en Arkel in het bijzonder, is dat wij hier altijd met één poot in de polder en met één poot in de stad hebben gestaan en staan. Verbonden met zowel polders van de Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden – denk aan de melkfabriek en de aanleg van de Diefdijk – áls met de stedelijke omgeving van Jan van Arkel en De Vries Robbé. Maar de belangrijkste les is dat niet alleen wíj in ónze tijd te maken krijgen met het maken van keuzes voor de toekomst, maar dat dat iets is van alle tijden. Inclusief de twijfel die daarbij hoort.

Sluit je je nu aan bij de Hoeken of Kabeljauwen? Is een elektrisch aangedreven melkfabriek nu verstandig of niet? Is het aan de gemeente om zich met de internationale politiek te bemoeien? Het maken van keuzes voor de toekomst is van alle tijden. Keuzes die soms goed uitpakken, soms ook minder. Maar we mogen ons voorgeslacht dankbaar zijn dat ze die keuzes hebben durven maken, anders waren we nu niet geweest waar we nu staan:

Een mooie gemeente, met mooie dorpen en inwoners, en met een mooie toekomst voor zich.

Ik wens u allen een mooi maar vooral gezond 2018!

Dank!


De burgemeester eindigde de toespraak met een dankwoord aan alle (Arkelse) partijen die deze nieuwjaarsontmoeting tot een waardevolle, interessante en gezellige avond hebben gemaakt.

Historische Vereniging Arkel en Rietveld, Betonson, De Kringloop, ArkelWonen, De Punt, GiGa, Trentanove/la Caponnière, Dorpsraad Arkel, Marc van Laere, Bakkerij De Jager, De Tilgroep, De Jong geluid en KNA.